Werk & drukte

Wat betekent het wattage van een roodlicht paneel: chipvermogen versus opgenomen vermogen

MMarlo Schipper 12 min lezen
Nek en schouders van opzij in rood licht tegen een zwarte achtergrond
Het getal op de doos zegt minder over je sessie dan de waarde die je na twee minuten op een energiemeter afleest.

In het kort

Bij roodlicht panelen staan drie totaal verschillende getallen in watt, en ze worden vrolijk door elkaar gebruikt. Dit is het verschil tussen chipvermogen, opgenomen vermogen en lichtopbrengst.

  • Waarom 300 chips van 3 W geen 900 W is
  • Rekenvoorbeeld van chip tot licht
  • Tabel met stroomverbruik per sessie
  • Stappenplan om een wattage te beoordelen

Het wattage van een roodlicht paneel is bijna nooit een getal over licht: in de meeste advertenties is het chipvermogen, de optelsom van de nominale waarden van alle leds, en dat is iets anders dan het opgenomen vermogen dat je met een energiemeter uit het stopcontact ziet lopen. Een paneel dat 900 watt heet trekt in de praktijk vaak rond de 250 watt en zendt daar ongeveer 68 watt van uit als licht. Alle drie de getallen staan in watt en meten iets anders.

Deze uitleg zet die soorten vermogen naast elkaar, met rekenvoorbeelden die je met je eigen getallen kunt narekenen: wat er per led overblijft, wat een sessie kost, hoe je het opgenomen vermogen meet en waarom meer watt niet meer licht op je huid betekent.

Drie soorten vermogen die allemaal watt heten

Hetzelfde paneel kan met verschillende getallen worden beschreven zonder dat er iets onwaars staat. Het verschil zit in wat er gemeten wordt. De voorbeeldwaarden horen bij hetzelfde denkbeeldige paneel met 300 leds.

Soort vermogen Wat het meet Waar je het ziet Voorbeeldwaarde zelfde paneel
Chipvermogen De nominale waarden van alle leds opgeteld Groot in de titel of de kop van een advertentie 900 W
Opgenomen vermogen Wat het paneel uit het stopcontact trekt Typeplaatje achterop en in de handleiding Ongeveer 250 W
Optisch vermogen of lichtopbrengst Het vermogen dat het paneel als straling uitzendt Zelden, en meestal zonder meetrapport Ongeveer 68 W
Stralingsintensiteit Vermogen per vierkante centimeter op een genoemde afstand Soms, vaak zonder de meetafstand erbij Niet af te leiden uit de watts hierboven

Alleen de laatste regel gaat over wat jij ontvangt, en dat is de enige die je niet uit de andere kunt berekenen. Wat mW/cm2 betekent en waarom de meetafstand er altijd bij hoort, staat in wat mW/cm2 betekent bij een roodlicht paneel.

Chipvermogen versus opgenomen vermogen

Elke led heeft een nominaal vermogen, bijvoorbeeld 3 watt. Dat is de waarde waarop hij volgens het datablad maximaal mag draaien, niet de waarde waarop hij in een paneel draait. Wie 300 leds van 3 watt optelt komt op 900 watt. Die optelsom klopt, maar beschrijft niet wat het apparaat doet.

Leds worden bewust ver onder die waarde aangestuurd. Een led op vol vermogen wordt heet, verliest sneller lichtopbrengst en gaat korter mee. Zacht aansturen is dus een ontwerpkeuze voor levensduur; 20 tot 50 procent van nominaal is gebruikelijk.

Hieronder een rekenvoorbeeld met ronde getallen. De aannames staan er expliciet bij en verschillen per paneel. Het zijn geen gemeten waarden van een bestaand product.

Stap in het rekenvoorbeeld Aanname Uitkomst
1. Chipvermogen op papier 300 leds van 3,0 W nominaal 900 W
2. Werkelijke aansturing 25 procent van nominaal, dus 0,75 W per led 225 W naar de leds
3. Verlies in de voeding Rendement 90 procent Ongeveer 250 W uit het stopcontact
4. Omzetting naar licht 30 procent van de 225 W wordt straling Ongeveer 68 W optisch vermogen
5. Rest wordt warmte 250 W opgenomen min 68 W optisch Ongeveer 182 W warmte in behuizing en voeding

Van 900 watt op papier blijft ongeveer 250 watt aan de meter over en ongeveer 68 watt als licht: ruwweg dertien staat tot een. Dat maakt het paneel niet slecht, het maakt duidelijk dat het grootste getal het minst zegt.

Goed om te weten

Staat er een wattage zonder erbij welk soort vermogen het is, ga er dan van uit dat het chipvermogen is. Het opgenomen vermogen staat vrijwel altijd op het typeplaatje, soms in ampere bij 230 volt. Vermenigvuldig dan zelf: 1,1 A maal 230 V is ongeveer 250 W.

Watt per led, het getal waar je het aan ziet

Deel je het chipvermogen door het aantal leds, dan wordt zichtbaar hoe zacht of hard een paneel wordt aangestuurd. De tabel gaat opnieuw uit van 300 leds van 3,0 watt nominaal, een voeding van 90 procent rendement en 30 procent omzetting naar straling.

Aansturing Watt per led Naar de leds, 300 stuks Opgenomen vermogen Optisch vermogen
20 procent 0,60 W 180 W 200 W 54 W
25 procent 0,75 W 225 W 250 W 68 W
33 procent 1,00 W 300 W 333 W 90 W
50 procent 1,50 W 450 W 500 W 135 W
100 procent, alleen op papier 3,00 W 900 W 1000 W 270 W

De onderste rij is het enige niveau waarop het geadverteerde getal zou kloppen, en precies het niveau waarop niemand een paneel laat draaien. Vergelijk je twee panelen, deel dan bij allebei het chipvermogen door het aantal leds. Komt merk A op 3,0 watt per led en merk B op 1,0 watt, dan vergelijk je een optelsom met een realistischer opgave. Meer valkuilen staan in de checklist met tien specificaties voor roodlicht panelen.

Lichtopbrengst in optisch watt

Optisch vermogen is het eerlijkste van de drie getallen, en juist daarom staat het bijna nergens. Het geeft aan hoeveel watt aan straling het paneel uitzendt. Bij goede leds ligt de omzetting van elektrisch naar optisch vermogen rond de 30 procent, en dat percentage daalt als de led warmer wordt.

Er zitten twee addertjes onder het gras. Optisch vermogen zegt niets over de verdeling: dezelfde 68 watt kun je in een klein vlak persen of over 91 bij 30 centimeter uitsmeren. En het telt alle golflengtes op, zodat een paneel met nadruk op 850 nanometer hetzelfde totaal haalt als een met nadruk op 660 nanometer. Welke golflengtes een paneel mengt staat in zeven golflengtes in een roodlicht paneel.

Van optisch vermogen naar intensiteit

Als rekenvoorbeeld: 68 watt optisch vermogen is 68.000 milliwatt. Verdeel dat gelijkmatig over 91 bij 30 centimeter, dus 2730 vierkante centimeter, en je komt op ongeveer 25 mW/cm2 vlak voor het paneel. In de praktijk haal je dat nooit, omdat licht onder een hoek wegloopt. Hoe die bundelhoek uitpakt staat in wat de stralingshoek van een roodlicht paneel doet.

Verdubbel je de afstand, dan daalt de intensiteit ruwweg met een factor vier: van 20 naar 40 centimeter is dus geen halvering. Van intensiteit naar dosis reken je verder met de formule in joule per cm2 uitgelegd: mW/cm2 gedeeld door 1000, maal de sessieduur in seconden.

Het grootste getal in watt op een productpagina is meestal het getal dat het minst over jouw sessie zegt.

Stroomverbruik per sessie

Het opgenomen vermogen is het enige getal dat iets kost en het enige dat je zelf kunt controleren. De rekenregel: watt gedeeld door 1000, maal de tijd in uren. Een paneel van 300 watt gedurende 20 minuten is 0,100 kWh.

Opgenomen vermogen 10 minuten 15 minuten 20 minuten 30 minuten 4 sessies van 20 min per week
100 W 0,017 kWh 0,025 kWh 0,033 kWh 0,050 kWh 0,133 kWh
200 W 0,033 kWh 0,050 kWh 0,067 kWh 0,100 kWh 0,267 kWh
250 W 0,042 kWh 0,063 kWh 0,083 kWh 0,125 kWh 0,333 kWh
300 W 0,050 kWh 0,075 kWh 0,100 kWh 0,150 kWh 0,400 kWh
400 W 0,067 kWh 0,100 kWh 0,133 kWh 0,200 kWh 0,533 kWh

Zelfs een stevig paneel van 400 watt komt bij 20 minuten niet boven 0,14 kWh uit. Rekenaanname, puur om de orde van grootte te tonen: bij een aangenomen stroomtarief van 0,30 euro per kWh kost die sessie van 0,133 kWh ongeveer 0,04 euro, en komen vier sessies per week op 27,7 kWh per jaar, ongeveer 8,30 euro. Vul je eigen tarief in. De volledige doorrekening staat in het stroomverbruik van een roodlicht paneel.

De sessieduur weegt dus zwaarder dan het wattage op de doos. Hoe lang een sessie verstandig is staat in hoe lang je roodlicht therapie per sessie gebruikt.

Zelf meten met een energiemeter

Een energiemeter voor het stopcontact is een tussenstekker met een display die vermogen en verbruikte kWh toont. Daarmee controleer je of het opgenomen vermogen op het typeplaatje klopt. Dit is de enige meting uit dit artikel die je thuis betrouwbaar kunt doen.

  1. Lees eerst het typeplaatjeNoteer wat er achterop het paneel staat. Staat er alleen ampere, vermenigvuldig dan met 230 volt.
  2. Zet de meter tussen stopcontact en paneelGebruik geen verlengsnoer met andere apparaten erop, anders meet je die mee.
  3. Kies de stand die je normaal gebruiktOp de hoogste stand trekt een paneel meer dan op de laagste, en een pulsfunctie verlaagt het gemiddelde.
  4. Wacht minstens twee minutenBij het inschakelen schiet de waarde kort omhoog door de voeding, daarna zakt hij en stabiliseert. De waarde na twee minuten telt.
  5. Lees het vermogen in watt afVergelijk met het typeplaatje. Een afwijking tot ongeveer 10 procent is normaal, onder meer door netspanning die niet exact 230 volt is.
  6. Laat een hele sessie meelopen op de kWh-tellerReset de teller, doe een normale sessie en lees af. Dat is je werkelijke verbruik, inclusief opstart en ventilator.
  7. Reken door naar een week en een jaarVerbruik per sessie maal het aantal sessies per week, maal 52. Nu heb je een cijfer over jouw gebruik.

Wat je op het display ziet gebeuren verloopt bij vrijwel elk paneel hetzelfde. De voorbeeldwaarden horen bij een paneel met 250 watt op het typeplaatje.

Moment na inschakelen Voorbeeldwaarde op de meter Waarom je dit ziet
Eerste seconde Kortstondig 350 tot 400 W Inschakelstroom van de condensatoren in de voeding
Na 5 seconden Ongeveer 265 W Leds zijn nog koud, hun doorlaatspanning is iets hoger
Na 30 seconden Ongeveer 258 W Behuizing warmt op, de aansturing regelt bij
Na 2 minuten Ongeveer 250 W Stabiel, dit is de waarde die je noteert
Na 10 minuten Ongeveer 246 W Warme leds trekken iets minder, ventilator draait mee

Meet je 250 watt bij een paneel dat als 900 watt wordt verkocht, dan is er niets kapot. Je ziet het verschil tussen chipvermogen en opgenomen vermogen aan het werk.

Nominale vermogens uit het Luxyor dossier

Bij de infrarood sauna dekens van Luxyor speelt dit probleem niet. Zo'n deken heeft geen leds maar verwarmingselementen. Warmte is daar het doel en geen bijproduct, dus het nominale vermogen op het typeplaatje is meteen het opgenomen vermogen.

Model Nominaal vermogen Wat dat getal is Sessie van 30 min
Slimline 100 500 W nominaal, piek 600 W Opgenomen vermogen, de piek geldt kort tijdens opwarmen 0,250 kWh bij 500 W
Comfort 150 500 W Opgenomen vermogen tijdens verwarmen 0,250 kWh
Deluxe 310 560 W Opgenomen vermogen bij de hoogste stand 0,280 kWh

Twee kanttekeningen. De piek van 600 watt bij de Slimline 100 is geen doorlopende waarde: hij treedt op tijdens het opwarmen en zakt daarna terug, net als in de meettabel hierboven. En de 30 minuten in de laatste kolom is een bovengrens, want de thermostaat schakelt tussendoor uit.

Let op: neem deze waarden over uit het typeplaatje of de handleiding, niet uit een samenvatting van derden. De juiste opgaven zijn 500 W nominaal met piek 600 W voor de Slimline 100, 500 W voor de Comfort 150 en 560 W voor de Deluxe 310 sauna deken.

Waarom meer watt niet meer licht op je huid betekent

Stel dat twee fabrikanten allebei eerlijk 68 watt optisch vermogen opgeven. Dan weet je nog niet welk paneel meer op jouw huid brengt, want dat hangt af van drie dingen die niets met watt te maken hebben.

  • Het bestraalde oppervlak. Dezelfde 68 watt over 2730 vierkante centimeter geeft ongeveer 25 mW/cm2, over 700 vierkante centimeter ongeveer 97 mW/cm2. Een kleiner paneel kan intenser zijn met minder totaal vermogen.
  • De bundelhoek van de leds. Leds met een nauwe hoek van 30 graden concentreren recht vooruit, leds met 120 graden verdelen over een breder vlak: gunstiger voor gelijkmatigheid, ongunstiger voor de piekwaarde.
  • Jouw afstand. De intensiteit daalt ruwweg met het kwadraat van de afstand. Twee keer zo ver is ongeveer vier keer zo weinig, drie keer zo ver ongeveer negen keer zo weinig.

Een groter paneel bereikt wel een groter deel van je lichaam tegelijk. Dat is een echte reden voor meer vermogen, maar dan gaat het om dekking en niet om intensiteit. Het verschil tussen een compact en een full body paneel staat in de Lumi 110 of de Lumi 700 vergeleken.

Luxyor Lumi 700 full body roodlicht paneel
Luxyor Lumi 700
  • Buitenmaat 91 x 30 x 6 cm en 8,5 kg, lichtvlak van 91 x 30 cm
  • Zeven golflengtes: 630 en 660 nm rood, 810 tot 940 nm nabij-infrarood en 480 nm blauw
  • Regelbare intensiteit en pulsfunctie, touchscreen en afstandsbediening
  • 60 dagen bedenktijd en 2 jaar garantie
Bekijk de Lumi 700

Waar dit verhaal ophoudt, ook bij Luxyor

Tot hier las je vooral waarom het wattage van andere aanbieders weinig zegt. Het eerlijke vervolg is dat Luxyor je hier niet meer kan bieden dan een concurrent.

Ten eerste is een hoger opgenomen vermogen op zichzelf geen voordeel. Het betekent alleen dat er meer elektrisch vermogen het apparaat in gaat. Een paneel dat 400 watt trekt en zijn leds hard aanstuurt kan minder licht leveren en sneller achteruitgaan dan een paneel van 250 watt met betere leds. Meer watt is geen kwaliteitskenmerk, ook niet in onze eigen specificaties.

Ten tweede, en dat is de belangrijkste beperking: Luxyor heeft de stralingsintensiteit van de Lumi 110 en de Lumi 700 niet met een geijkte meting laten vaststellen en publiceert daarom geen waarde in mW/cm2. Een getal noemen zonder meetrapport en meetafstand zou net zo weinig waard zijn als het chipvermogen waar dit artikel tegen waarschuwt. Het gevolg is wel dat je ook bij ons niet uit het wattage kunt afleiden hoeveel licht er op je huid komt.

Wil je aanbieders rangschikken op intensiteit, dan kun je Luxyor daar dus niet in meenemen. Vergelijk ons op wat wel controleerbaar is: het opgenomen vermogen dat je zelf nameet, de golflengtes, de afmetingen, de bediening en de garantietermijn. Wees bij een concurrent die wel een intensiteitsgetal noemt net zo streng en vraag naar de meetafstand en het meetinstrument.

Let op: dit artikel gaat over techniek, meten en rekenen, niet over medische werking. Heb je gezondheidsklachten, ben je zwanger of gebruik je medicatie die je huid lichtgevoelig maakt, overleg dan eerst met je arts.

Zes fouten die je met deze getallen kunt maken

  • Chipvermogen naast opgenomen vermogen leggen. Dat scheelt volgens het rekenvoorbeeld al snel een factor drie tot vier.
  • Denken dat een paneel kapot is omdat het minder trekt dan geadverteerd. Meet je 250 watt bij een paneel van 900 watt, dan is dat te verwachten.
  • Een intensiteitsgetal geloven zonder meetafstand. Een waarde op 5 centimeter en een op 30 centimeter kunnen een factor 36 uit elkaar liggen.
  • Wattage verwarren met dekking. Een paneel van 31 bij 22 centimeter en een van 91 bij 30 centimeter belichten heel verschillende oppervlakken.
  • Langer belichten omdat het wattage laag lijkt. Meer minuten corrigeert geen lager vermogen.
  • De ventilator vergeten. Vermogen dat niet als licht weggaat moet als warmte weg. Panelen boven ongeveer 200 watt hebben daarom vaak een hoorbare ventilator.

Kort samengevat

Het wattage van een roodlicht paneel is geen leugen, maar bijna nooit het getal waar je op moet letten. Chipvermogen is een optelsom van nominale waarden die in de praktijk niet gehaald worden en die in het rekenvoorbeeld een factor dertien boven het optische vermogen ligt. Opgenomen vermogen vertelt je wat je aan stroom gebruikt en verder niets. Optisch vermogen is eerlijker, maar zegt niets over de verdeling.

Doe daarom drie dingen. Meet het opgenomen vermogen zelf en wacht twee minuten. Reken je verbruik per sessie en per week uit met de tabel hierboven, met je eigen tarief. En vraag bij elk getal in mW/cm2 naar de meetafstand, ook bij ons.

Alle modellen staan bij elkaar in de roodlicht panelen van Luxyor, en voor een compacte opstelling op tafel of bureau is de Lumi 110 van 31 x 22 x 6 cm het startpunt.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen chipvermogen en opgenomen vermogen?

Chipvermogen is de optelsom van de nominale waarden van alle leds, bijvoorbeeld 300 leds van 3 W is 900 W. Opgenomen vermogen is wat het paneel daadwerkelijk uit het stopcontact trekt. Omdat leds vaak op 20 tot 50 procent van hun nominale waarde draaien, ligt dat getal veel lager.

Waarom trekt mijn paneel veel minder watt dan geadverteerd?

Dat is meestal geen defect. Het geadverteerde getal is vaak chipvermogen en niet het opgenomen vermogen. In het rekenvoorbeeld in dit artikel blijft van 900 W chipvermogen ongeveer 250 W aan de meter over en ongeveer 68 W als licht.

Hoe meet ik het opgenomen vermogen zelf?

Met een energiemeter voor het stopcontact. Steek de meter in het stopcontact, het paneel in de meter, kies de stand die je normaal gebruikt en laat de meting minstens 2 minuten lopen. Bij het inschakelen schiet de waarde kort omhoog, daarna stabiliseert hij.

Wat zie ik op een energiemeter vlak na het inschakelen?

Bij een paneel met 250 W op het typeplaatje zie je de eerste seconde kortstondig 350 tot 400 W door de inschakelstroom van de voeding, na 5 seconden ongeveer 265 W, na 30 seconden ongeveer 258 W en na 2 minuten ongeveer 250 W. Die laatste waarde noteer je.

Hoeveel stroom kost een sessie met een roodlicht paneel?

Reken vermogen gedeeld door 1000, maal de tijd in uren. Een paneel van 300 W gedurende 20 minuten is 0,100 kWh. Vier sessies van 20 minuten per week komt op 0,400 kWh per week. Vermenigvuldig dat met je eigen tarief per kWh.

Hoeveel watt per led blijft er over bij een paneel van 900 W?

Deel het chipvermogen door het aantal leds. Bij 300 leds is 900 W op papier 3,0 W per led, maar bij een aansturing op 25 procent is dat 0,75 W per led. Dan gaat er 225 W naar de leds en trekt het paneel ongeveer 250 W uit het stopcontact.

Zegt een hoger wattage dat er meer licht op mijn huid komt?

Nee. Hoeveel licht er per vierkante centimeter aankomt hangt af van het bestraalde oppervlak, de bundelhoek van de leds en jouw afstand. Twee keer zo ver weg betekent ongeveer vier keer zo weinig op je huid.

Publiceert Luxyor de stralingsintensiteit van zijn panelen?

Nee. De stralingsintensiteit van de Lumi 110 en de Lumi 700 is niet met een geijkte meting vastgesteld, dus wordt er geen waarde in mW/cm2 gepubliceerd. Je kunt dus ook bij Luxyor niet uit het wattage afleiden hoeveel licht er op je huid komt. Vergelijk op opgenomen vermogen, golflengtes, afmetingen, bediening en garantie.

M
Marlo Schipper

Oprichter van Luxyor. Schrijft over infrarood, roodlicht en rust vanuit dagelijkse ervaring met klanten en producten.

Verder lezen